Is melk goed voor elk?

‘Is melk goed voor elk?’ gepubliceerd op Natuur Diëtisten Nederland

Walter Willett, voedingsepidemioloog en hoogleraar aan Harvard University, sprak vorige week op de jaarlijkse lezing Lof de Geneeskunst van het Erasmus MC. Daar liet hij aan ruim 1500 luisteraars onderzoek zien waaruit blijkt dat in landen met een calciumrijk dieet mensen relatief vaker botten breken.

‘Melk, de witte motor’, ‘melkbrigadiertjes’ en ‘Melk is goed voor elk’; iedere generatie heeft er wel eens van gehoord. Melk bevat calcium en dat mineraal is nodig voor de opbouw van botten en om botontkalking tegen te gaan. Toch is het ‘toevallig’ dat van alle landen juist de zuiveldrinkende landen het hoogst aantal gevallen van botontkalking en botfracturen kennen. De moderne mens heeft behoefte aan andere voedingsmiddelen.

Walter Willett is hoogleraar Epidemiology en Nutrition en hoofd van het Department Nutrition aan de Harvard School of Public Health en Harvard Medical School. Hij is betrokken bij grote Amerikaanse bevolkingsstudies, zoals de ‘Nurses Health Studies’. Daarbij onderzoekt hij de relatie tussen voeding en gezondheid waarbij de nadruk ligt op hart- en vaatziekten en kanker.

Vaker botbreuken bij calciumrijk dieet

Willett, sprak vorige week op de jaarlijkse lezing Lof de Geneeskunst van het Erasmus MC. Daar liet hij aan ruim 1500 luisteraars onderzoek zien waaruit blijkt dat in landen met een calciumrijk dieet mensen relatief vaker botten breken. In 2004 grapte Willet al bij het tv-programma Tros Radar dat “Wie botbreuken wil voorkomen, kan beter zijn koe niet meer melken, maar haar mee uit wandelen nemen”. Ook nu zorgde deze uitspraak weer voor een lachsalvo met applaus.

Zuivelproducten zijn sterk aanwezig in de Noord-Europese cultuur. En om noordelijke gebieden te bewonen, waren houdbare boter en kaas nodig om de winter door te komen. Maar tegenwoordig beschermen twee glazen melk per dag niet tegen botbreuken. De meeste regulier werkende diëtisten en voedingskundigen vinden melk een nuttige oplossing van calcium. Maar volgens Willet is het ingewikkelder.

Het Nederlandse Voedingscentrum wapende zich een dag voor Willets toespraak met de melding op haar website dat het de zuivelaanbeveling van 450 tot 650 ml per volwassene per dag handhaaft. Op subtiele wijze wordt Willett weggezet als iemand die zomaar wat zegt, in plaats van als gerenommeerd Harvard-onderzoeker. Willets bewering is voor het Voedingscentrum ‘geen aanleiding om de huidige zuiveladviezen in Nederland aan te passen’. Maar Willetts onderzoek laat zien dat 300 ml al meer dan voldoende is.

0,4 Gram calcium meer dan genoeg

Het advies voor volwassen personen is voedingsmiddelen te eten en drinken waardoor er één gram calcium per dag binnenkomt. In een groot glas melk zit 0,4 gram calcium. “De geadviseerde hoeveelheid” zegt Willett, “kun je alleen binnenkrijgen door dagelijks zuivelproducten te eten en drinken”. Hij laat zijn publiek zien dat de aanbeveling in de Verenigde Staten ongeveer gelijk ligt, maar in Groot-Brittannië is 0,7 gram al genoeg.

Volgens de Wereldgezondheidsorganisatie is 0,5 gram al voldoende om je botten gezond te houden. Amerikaanse aanbevelingen zijn gebaseerd op kortdurend onderzoek, maar de calcium- en botstofwisseling doet er langer dan een jaar over om zich aan te passen aan veranderingen. Het lichaam stelt zich in op veel of weinig calcium. Voor gezonde botten is 0,4 gram meer dan genoeg” zegt Willett.

Willett onderzoekt al vanaf 1976 samen met Colin Campbell, biochemicus aan de Cornell University naar een verklaring van het hoge aantal botfracturen in de zuiveldrinkende landen. Heupfracturen komen bij vrouwen die meer dan vier glazen melk per dag drinken even vaak voor als bij vrouwen die hoogstens één glas melk per dag drinken. Willett gaat verder en laat het niet bij ‘weinig is genoeg’. Volgens de onderzoeker is het waarschijnlijk helemaal niet gezond om meer dan twee glazen melk per dag te drinken. Het is namelijk niet uitgesloten dat het drinken van veel melk de kans op borstkanker vergroot.

Mannen hebben een grotere kans om aan prostaatkanker te sterven bij het drinken van meer dan drie glazen melk per dag. Onderzoek laat zien dat melk beschermt tegen darmkanker en diabetes, maar die bescherming is zeer bescheiden.

Commentaar

Om osteoporose tegen te gaan, is het belangrijk om regelmatig te bewegen, voldoende zonlicht te krijgen, een goede verhouding tussen magnesium en fosfor binnen te krijgen en weinig suiker en/of frisdrank te eten en drinken. Daarnaast is het belangrijk om voldoende calcium binnen te krijgen. U kunt melk of zuivel radicaal uit uw dieet schrappen, maar u kunt bijvoorbeeld ook kleine hoeveelheden (zure) zuivelproducten eten en drinken.

Voedingsmaatregelen

Zure zuivelproducten zoals karnemelk, biogarde, kwark, rechtsdraaiende yoghurt of kefir zijn licht verteerbaar doordat de eiwitten en melksuikers grotendeels al zijn omgezet. Er zijn ook andere calciumbronnen. Geitenkaas, schapen kaas of –yoghurt. Maar ook verse groene groenten (broccoli, groene kool, spinazie), gedroogd of vers fruit (gedroogde vijgen en abrikozen, bramen). Peulvruchten, knolgewassen, noten, zaden (amandelen, hazelnoten, sesamzaad, lijnzaad) en sardientjes.

Naast voedingsmiddelen gebruiken die rijk zijn aan calcium, is het verstandig om rekening te houden met de calciumbalans in het lichaam: de calcium inname minus de calcium uitscheiding. Het zuur- / base evenwicht speelt een grote rol in de gezondheid van onze botten. De meeste lichaamsvloeistoffen horen basisch te zijn. Dit wordt ook wel alkalisch genoemd en heeft een pH-waarde groter dan 7 (een pH-waarde van 7 is neutraal, onder de zeven is het zuur).

Elk voedingsmiddel dat verteerd wordt, dient zich uiteindelijk bij de nieren te rapporteren als zuur of als base. Door de eiwitten in melk wordt in het lichaam een zuur aangemaakt. Dit zuur moet door het lichaam geneutraliseerd worden zodat het uiteindelijk meer basisch is. Calciumzouten uit de botten vormen te grootste neutrealisator, omdat ze de hoogste base-rest bevatten. Hierdoor raakt de calciumvoorraad in de botten uitgeput en wordt calcium door het lichaam uitgescheiden met de urine.

Zuur-base balans

Om osteoporose tegen te gaan, is het nodig om een goede balans te vinden tussen zure- en basische voedingsmiddelen in het voedingspatroon. Wanneer er teveel zure producten gebruikt worden, vergroot dit het risico op het krijgen van osteoporose. Ook is het belangrijk om te weten te weten dat calcium alleen goed wordt opgenomen wanneer er voldoende magnesium en fosfor in de juiste verhouding (2:1) in de voeding aanwezig is.

Het is opmerkelijk dat alleen mensen melk drinken na de zoogperiode. Ook is het opvallend dat melk gedronken blijft worden terwijl bijvoorbeeld de samenstelling van koemelk anders is dan van moedermelk. Mensen die melk drinken, krijgen groeihormonen binnen die eigenlijk nodig zijn voor een hoge botdichtheid van het kalf. Willett’s onderzoek laat zien dat een calciumrijk dieet zorgt voor toename van IGF-1, een melkhormoon dat het risico op botbreuken en darmkanker vergroot.

Vitamine D en K

Vitamine D (25(OH)D) of cholecalciferol (een lichaamseigen steroïdhormoon) is één van de meest invloedrijke factoren tegen osteoporose, omdat 25(OH)D betrokken is bij de intestinale opname van fosfor en calcium. Daarnaast worden receptoren voor de biobeschikbare vorm 1,25(OH)D3 aangetroffen op zowel osteoblasten als osteoclasten.

Daarnaast is vitamine K als essentiële cofactor betrokken bij de synthese van calciumbindende eiwitten die actief zijn bij het proces van botmineralisatie. Vitamine K2, dat vooral in gefermenteerde plantaardige producten voorkomt, is de meest effectieve vorm die bij de osteogenese betrokken is.

Stress geeft meer kans op botbreuken

Chronische overstimulatie van de HPA-as, ook wel stress-as genoemd, geeft een hoge cortisol productie en een verlaagde spiegel van DHEA (bijnierschorshormoon). Chronisch slaapgebrek, emotionele en fysieke traumata, overtraining, sociale stress en medicinaal gebruik van corticosteroïden, geven hyperstimulatie op de HPA-as. Dit kan directe negatieve gevolgen hebben voor de calciumhuishouding.

Het lichaam kent een aantal systemen (assen), die invloed uitoefent op het botmetabolisme. Het gaat om de Hypothalamic Pituitary Adrenal (HPA)-as, de Hypothalamic Pituitary Thyroid (HPT)-as en de Hypothalamic Pituitary Gonadal (HPG)-as. Indirect stimuleren corticosteroïden de HPT-as tot afgifte van PTH (bijschildklierhormonen). Cortisol is ook in staat de productie van schildklierhormoon trijoodthyronine (T3) te verminderen door onderdrukking van het enzym dejodinase.

Naast bijschildklierhormoon PTH spelen tevens de schildklierhormonen een rol bij de bothomeostase. Het meest actieve hormoon T3 en TSH, afgegeven door de hypofyse, zijn de voornaamste modulatoren van het botmetabolisme. Negatieve stimulering van de hormoon-assen, vasten, metabole acidose, belasting met zware metalen, chemicaliën, lever- en nierziekten, zink- en seleniumgebrek (belangrijke componenten van dejodinase), hypothyreoïdie dragen niet bij aan een goede bothomeostase.

Het mijden van stressoren in het sociale of maatschappelijke leven, dat langdurige hyperactiviteit van de HPA-as kunnen uitlokken, zijn belangrijke antiosteoporose maatregelen. Ontspannende beweging, meditatie, yoga, massage therapie, muziek (met dansen) kunnen allemaal de stress-as positief beïnvloeden en zijn dus allemaal samen beter dan 3 glazen melk per dag.

Literatuur en Links:

  1. Feskanich, D., W.C. Willett, M.J. Stampfer en G.A. Colditz. Milk, Dietary Calcium, and Bone Fractures in Women: A 12-year Prospective Study. American Journal of Public Health 1997: 87:992-7.
  2. Cumming, R.G. en R.J. Klineberg. Case-control Study of Risk Factors for Hip Fractures in the Elderly. American Journal of Epidemiology 1994: 139:493-505.
  3. Huang, Z., J.H. Himes en P.G. McGovern. Nutrition and Subsequent Hip Fracture is among a National Cohort of White Women. American Journal of Epidemiology 1996: 144:124-34. .
  4. Cumming, S.R., M.C. Nevitt, W.A. Browner en anderen. Risk Factors for Hip Fracture in White Women. New England Journal of Medicine 1995: 332:767-73 .
  5. Finn, S.C. The Skeleton Crew: Is Calcium Enough? Journal of Women’s Health 1998: (7):31-6 6. Nordin, C.B.E. Calcium and Osteoporosis. Nutrition 1997: (7/8):664-86.
  6. Reid D.M. en S.A. New. Nutritional Influences on Bone Mass. Proceed. Nutr. Soc. 1997: 56:977-87.
  7. Tucker, K.L., M.R. Hannan, H. Chen, L.A. Cupples, P.W.F. Wilson en D.P. Kiel. Potassium, Magnesium and Fruit and Vegetable Intakes Are Associated with Greater Bone Mineral Density in Elderly Men and Women. American Journal of Clinical Nutrition 1999: 69:727-36.
  8. Prince R., A. Evine, I. Dick en anderen. The Effects of Calcium Supplementation (Milk Powder or Tablets) and Exercise on Bone Mineral Density of Postmenopausal Women. Journal of Bone Mineral Research 1995: 10:1068-75.
  9. Pennington, J.A.T. en H.N. Church. Food Values of Portions Commonly Used. New York: Harper and Row, 1989.
  10. Ornish, D., S.E. Brown, L.W. Scherwitz, W.H. Billings, W.T. Armstrong en T.A. Ports. Can Lifestyle Changes Reverse Coronary Heart Disease? The Lancet 1990: 336:129-33.
  11. Cramer, D.W., W.C. Willett, D.A. Bell en anderen. Galactose Consumption and Metabolism in Relation to the Risk of Ovarian Cancer. The Lancet 1989: 2: 66-71.
  12. Outwater, J.L., A. Nicholson en N. Barnard. Dairy Products and Breast Cancer: The IGF-I, Estrogen, and bGH Hypothesis. Medical Hypothesis 1997: 48:453-61.
  13. Chan, J.M., M.I. Stampfer, E. Giovannucci en anderen. Plasma Insulin-like Growth Factor-I and Prostate Cancer Risk: A Prospective Study. Science 1998: 79:563-5.
  14. World Cancer Research Fund. Food, Nutrition and the Prevention of Cancer: A Global Perspective. Washington, D.C.: American Institute of Cancer Research, 1997.
  15. Cadogan, J., R. Eastell, N. Jones en M.E. Barker. Milk Intake and Bone Mineral Acquisition in Adolescent Girls: Randomised, Controlled Intervention Trial. British Medical Journal 1997: 315:1255-60.
  16. Scott, F.W. Cow Milk and Insulin-dependent Diabetes Mellitus: Is there a Relationship? American Journal of Clinical Nutrition 1990: 51: 489-91.
  17. Karjalainen, J., J.M. Martin, M. Knip en anderen. A Bovine Albumin Peptide as a Possible Trigger of Insulin-dependent Diabetes Mellitus. New England Journal of Medicine 1992: 327: 302-7.
  18. Bertron, P., N.D. Barnard en M. Mills. Racial Bias in Federal Nutrition Policy, Part I: The Public Health Implications of Variations in Lactase Persistence. Journal of the National Medical Association 1999: 91:151-7.
  19.  Jacobus, C.H., M.F. Holick, Q. Shao en anderen. Hypervitaminosis D Associated with Drinking Milk. New England Journal of Medicine 1992: 326: 1173-7.
  20. Holick, M.F. Vitamin D and Bone Health. Journal of Nutrition 1996: 16(suppl):1159S-64S. 22. Clyne, P.S. en A. Kulczycki. Human Breast Milk Contains Bovine IgG. Relationship to Infant Colic? Pediatrics 1991: 87(4):439-44.
  21. Iacono, G., F. Cavataio, G. Montalto en anderen. Intolerance of Cow’s Milk and Chronic Constipation in Children. New England Journal of Medicine 1998: 339(16):1100-04.
  22. Feskanich D, Willett W, Colditz G. Walking and leisure-time activity and risk of hip fracture in postmenopausal women. JAMA 2002 Nov 13;288(18):2300-6.
  23. Giovannucci E, Liu Y, Platz EA, Stampfer MJ, Willett WC. Risk factors for prostate cancer incidence and progression in the health professionals follow-up study. Int J Cancer 2007 Oct 1;121(7):1571-8.

Gepubliceerd op 4 oktober 2011 op de website van Natuur Diëtisten Nederland